Gratis eBook
INLEIDING
De digitalisering in het lesproces blijft achter bij de digitalisering van de maatschappij. In het dagelijks leven maken leerlingen voortdurend gebruik van gedigitaliseerde communicatiemiddelen als e-mail, chat en online sociale netwerken. Als de digitalisering in het lesproces niet toeneemt, ontstaat er een groot verschil tussen het gebruik van digitale middelen in het klaslokaal en het dagelijks leven van de leerling. Wanneer dit verschil te groot is, vormt het een belemmering voor de manier waarop leerlingen kennis opnemen. Het is dus van groot belang dat ook het primaire proces (lesgeven) in de onderwijssector een digitale vernieuwingsslag doormaakt. Alleen dan blijven de manier waarop leerlingen in het dagelijks leven informatie verwerken en de manier waarop dat in het lesproces gebeurt, op elkaar aansluiten.
Met de introductie van de iPad begin 2010 lijkt de digitalisering een nieuwe impuls te hebben gekregen. Niet alleen de maatschappij omarmde de iPad maar ook het onderwijs kwam in beweging. Scholen in binnen- en buitenland kochten massaal iPads in alsof de iPad alle (leer)problemen kan oplossen. Dat de iPad een grote slag in de digitalisering van het lesproces kan hebben is duidelijk. Leerlingen hoeven niet overtuigd te worden om een iPad te gaan gebruiken, ze willen heel graag met zo’n mooie gadget werken.
Onlangs stuurde een docent een leerling de klas uit aangezien zij met haar telefoon tijdens de les zat te spelen. Ze kon hem er nauwelijks van overtuigen dat het een iPad was die zij als grafische rekenmachine gebruikte. Dit voorval geeft al aan dat men technische ontwikkeling niet buiten de school kan houden en dat er een kloof is tussen hen die met de technologieën opgroeien en zij die het niet bij (kunnen) houden.(T.Smit 2011)
Bij (non)profit-organisaties werken, vandaag de dag, de meeste werknemers met hun persoonlijke computer, ze werken samen aan iets maar delen geen computer. Leerlingen zullen beter gaan leren indien ze ook overal en altijd gebruik van de computer kunnen maken. Iedere leerling zijn eigen iPad.
In Nederland zijn er maar een paar scholen die als proef een aantal iPads hebben aangeschaft. Om een goed beeld van de implementatie van de iPad in het onderwijs te krijgen kan er beter over de grens gekeken worden waar er meer ervaring op dit gebied is. In de Verenigde Staten is een aantal scholen al in een redelijk ver gevorderd stadium. Hoe hebben zij deze innovatie aangepakt? Voor dit onderzoek is dan ook de volgende hoofdvraag tot stand gekomen:
DOELSTELLING
Het doel van dit onderzoek- en adviesrapport is tweeledig.
1. Het opstellen van een stappenplan dat implementatieleiders kunnen gebruiken bij de implementatie van de iPad in het voortgezet onderwijs.
2. Informerend voor docenten en andere relatiegroepen die de iPad niet of nauwelijks kennen.
VRAAGSTELLING
De hoofdvraag luidt als volgt:
Volgens welke methode kan de iPad het beste in het voortgezet onderwijs worden geïmplementeerd?
LEESWIJZER
In de eerste fase, de probleemanalyse, is gezocht naar relevante literatuur. Op basis van de gevonden literatuur, mindmapping en discussies met de afstudeerbegeleiders is de context van het probleem in kaart gebracht en het onderzoek afgebakend. De hoofdvraag is opgesplitst in 5 deelvragen:
• Hoofdstuk 1: Wat is een iPad en voor wie heeft het welk voordeel?
• Hoofdstuk 2: Wat zijn de specifieke mogelijkheden van de iPad voor het voortgezet onderwijs?
• Hoofdstuk 3: Hoe verlopen innovatieprocessen in het voortgezet onderwijs?
• Hoofdstuk 4: Wat zijn succesfactoren bij ICT-innovaties in het voortgezet onderwijs?
• Hoofdstuk 5: Hoe kan er het beste in het voortgezet onderwijs gecommuniceerd worden m.b.t. de implementatie van de iPad?
In de tweede fase is de gevonden literatuur onderzocht op bruikbaarheid. Er is daarnaast gezocht naar relevante websites, blogs en berichten op Twitter. Gevonden en besproken software werd meteen op een iPad uitgeprobeerd.
In de derde fase het praktijkonderzoek is er gekozen een viertal interviews af te nemen. Drie van de vier geïnterviewden zijn werkzaam en woonachtig in de U.S.A., de vierde woont en werkt in Schotland. Eén kandidaat is via het eigen Amerikaans netwerk gevonden de andere drie via Twitter en Google.
In de vierde fase is een analyse van het transcript gemaakt. Antwoorden van de interviews zijn met elkaar vergeleken. Waar nodig is nog gebruik gemaakt van e-mail om extra antwoorden of verduidelijking te krijgen.
In de vijfde en laatste fase is de theorie met de praktijk vergeleken. De conclusies en adviezen zijn hier uit voortgekomen.
leuke website Tom!!